Houtkachel of open haard: 8 manieren om minder rook-en geuroverlast te veroorzaken (07-01-2020)

Wanneer u in huis de houtkachel of open haard aansteekt, ontstaat er rook. Die rook bevat schadelijke stoffen, zoals fijnstof. Dit fijnstof veroorzaakt luchtvervuiling en kan schade aan de gezondheid van uzelf en anderen in uw omgeving opleveren. Ook wanneer u de rook niet meer ziet.

Wilt u toch een vuurtje aansteken? Met de tips hieronder kunt u de uitstoot van schadelijke stoffen beperken:

1. Stook alleen droog hout. Vochtig hout brandt niet goed en geeft extra veel rook en fijnstof. Zelf hout hakken? Droog het hout minstens 2 jaar. Het hout is droog als het gebarsten is of als de bast loslaat. Gebruik een vochtmeter om te meten of het hout droog genoeg is. En gebruik haardhout met het FSC- of PEFC-keurmerk. Dat garandeert dat het uit verantwoord beheerd bos komt.

2. Stook geen geverfd of geïmpregneerd hout: bij verbranding komen zware metalen vrij. Het is daarom verboden om bewerkt hout te verbranden. Ook (spaan)plaat en laminaatvloeren horen níet in de houtkachel of open haard vanwege de lijm die erin zit. Stook ook geen papier en karton. Het geeft veel rook en vliegas en is daarom zelfs verboden als brandstof.

3. Leg het meest brandbare materiaal (kleine houtjes) boven op het vuur en steek het vuur van bovenaf aan. Dit wordt ook wel de Zwitserse methode genoemd. Dat betekent dat u het meest brandbare materiaal bovenop legt als u de kachel aanmaakt en niet onderop, zoals veel mensen doen. Het hout plaatst u kruislings op elkaar, van dikke blokken hout onderin naar dunne losse houtjes en een aanmaakblokje bovenop. Maak het vuur nooit aan met brandbare vloeistoffen (bijvoorbeeld spiritus), dat is gevaarlijk.

4. Laat de open haard of houtkachel uit bij windstil of mistig weer; raadpleeg de Stookwijzer en let op het stookalert. Op zulke dagen blijft de rook hangen en hebt u rondom het huis veel luchtvervuiling en rook- en geuroverlast. Op stookwijzer.nu en op rivm.nl/stookalert ziet u wanneer het vuur beter uit kan blijven.

5. Laat de schoorsteen minstens één keer per jaar goed vegen. Dit is ook een stuk veiliger: u hebt dan minder kans op een schoorsteenbrand.

6. Zet de luchttoevoer in de kachel helemaal open, net als de klep in de schoorsteen. Het hout kan dan beter verbranden waardoor u minder schadelijke stoffen hebt (zoals kankerverwekkende koolwaterstoffen (PAK’s ) en koolmonoxide). Schuif de luchttoevoerklep nooit dicht om het vuur te 'smoren'; het hout verbrandt dan niet volledig waardoor er extra veel schadelijke stoffen ontstaan.

7. Houd ventilatieroosters tijdens het stoken open (of zet een raampje open). Het vuur kan dan lucht aantrekken en de rook kan via de schoorsteen afgevoerd worden. Wordt het binnen te warm met de houtkachel aan? Stook dan met minder hout.

8. Controleer regelmatig of u goed stookt: een goed vuur heeft gele, gelijkmatige vlammen en er komt bijna geen rook uit de schoorsteen. Oranje vlammen en donkere rook geven aan dat de verbranding niet goed is: zorg dan voor meer luchtaanvoer.

Wilt u meer informatie over de gevolgen van hout stoken voor het milieu en de gezondheid van uzelf en uw omgeving? Check dan de van voorlichtingsorganisatie Milieu Centraal.