Toen ik bijna acht jaar geleden wethouder met de portefeuille duurzaamheid werd, moesten we alles zelf uitzoeken. Het is een containerbegrip, je kunt niet alles aanpakken. Circulaire economie, biologische landbouw, duurzame energietransitie, fair trade, verbruik en opwekking en besparing van energie, noem maar op.

We moeten geen paniek zaaien, maar er gaan dingen veranderen. Zo moeten we af van het idee dat we onze huizen verwarmen en koken op gas. In de Achterhoek is dat ingewikkelder dan in grote steden, die hebben door de massa vaak stadsverwarming. Bij nieuw te bouwen woningen is verduurzamen vrij eenvoudig, maar 95 procent van ons huizenbestand over 30 jaar staat er nu al. Dat is echt een grote uitdaging.

We realiseren ons dat we alleen samen de uitdagingen kunnen aangaan. Dit zien we ook terug in ons college van Burgemeester en Wethouders. Elke wethouder houdt inmiddels bij het maken van plannen rekening met duurzaamheid. Bij de inkoop van materialen, het kiezen van leveranciers, het uitbesteden van projecten.

Een mooi voorbeeld is de bouw van een duurzame nieuwe school in Gaanderen. Drie van de vier bouwbedrijven kwamen met een offerte, met de mededeling dat voor energieneutraliteit nog een aparte berekening moest worden gemaakt. Eén bedrijf had dat wel meegenomen en kwam goedkoper uit. Zo moet het werken. Vanaf het begin denken: hoe kunnen we zo zuinig mogelijk zijn met energie en hoe bereiken we dat we zo min mogelijk geld kwijt zijn aan onderhoud?

We bespreken dit soort onderwerpen ook in de regio. Niet alleen met de gemeenten, maar ook met vertegenwoordigers van het bedrijfsleven. Zij hebben net zo goed met de uitdagingen te maken. Zo snappen landbouworganisaties ook dat de huidige manier van landbouw bedrijven een doodlopende weg is. Vanwege stikstof, de verarming van de bodem. En er zijn ook bouwbedrijven die graag circulair, dus zonder afval, willen werken. Maar dan moeten ze wel opdrachten krijgen.

Ik ben niet zo somber over het halen van onze doelstellingen. We hebben een regionale energiestrategie vastgesteld, waarin ruimte is voor het opwekken van wind- en zonne-energie. Daar ontkomen we niet aan, willen we onze aarde op een fatsoenlijke manier overdragen aan komende generaties.

Dat betekent overigens niet dat we overal in het mooie Achterhoekse landschap van die joekels van windmolens plaatsen. Het is een illusie om te denken dat we helemaal zonder windmolens kunnen. Tegelijkertijd houden we natuurlijk wel zo veel mogelijk rekening met ons landschap.

Natuurlijk kun je niet iedereen blij maken met een grote verandering in zijn leefomgeving. Maar wat we wel hebben gemerkt is dat het helpt als je in gesprek gaat met mensen. Dat doen we steeds meer. Niet omdat het een goede indruk geeft, maar omdat ik er van overtuigd ben dat je betere plannen en projecten krijgt door serieus met de direct betrokkenen om tafel te gaan.